In juli 2006 sprong fierljepper Bart Helmholt tijdens een tweekamp in Linschoten met 19,48 meter naar zijn eerste Nederlands record

Acht jaar later en ruim twee meter verder ging de Burgumerzaterdag op herhaling in het Utrechtse dorp. Maar ook met 21,55 is de cirkel is nog lang niet rond.

Want hoe gek het ook mocht klinken: Helmholts eigen analyse van de verste ljepafstand ooit liet voldoende ruimte over voor verbetering. ,,Ik ging redelijk goed over, maar perfect was het zeker niet. Er zat nog veel meer in. Ik had ook helemaal geen Nederlands record verwacht. Dat het over de 21 zou zijn, wist ik wel zeker. Maar ook toen ik 21,55 op het bord zag verschijnen, had ik nog even niets door. Puur omdat ik er niet mee bezig was. Pas vlak daarna viel het kwartje.”

Het was al in zijn tweede poging van de middag raak, hoewel Helmholt vooraf op z’n zachtst gezegd niet het gevoel had hij onder recordomstandigheden sprong in Linschoten. ,,Ik keek er al de hele week naar uit, maar het was beestenweer toen we aankwamen. De wedstrijd lag een paar keer stil, dus zakte de motivatie ook wat weg.”

Maar het werd droog en de wind viel enigszins weg, waarna de focus weer terugkeerde. ,,Er werd al gezegd: Bart is altijd goed na een regenpauze. Gelukkig heb ik dat kunnen bewijzen.” Die opmerking was niet voor niets, want Helmholts vorige nationale record van 21,51 van juli 2006 stamde ook uit Linschoten en kwam eveneens na de nodige regenbuien in de boeken. ,,Bijzonder dat het allemaal in dezelfde plaats gebeurt”, vond Helmholt. ,,Ik had al wat met Linschoten en dat gevoel wordt alsmaar sterker.”

Helmholt was overigens niet de enige die wat te vieren had. Bij de vrouwen scherpte de ‘Hollandse’ Dymphie van Rooijen haar eigen Nederlands record van 16,74 aan tot 16,91. Daarmee bleef ze Klaske Nauta uit IJlst (15,44) ruim voor.

Seizoensrecord Nauta’s broer Jan Teade zette op zijn beurt bij de jongens een seizoensrecord neer met 18.18. Bij de junioren was Montfoorter Erwin Timmerarends de beste met een afstand van 18,67.

Alles bij elkaar opgeteld -zoals dat bij een tweekamp gaat -legde Fryslân het met ruim zes meter af tegen het Utrechtse totaal. Maar wie het daar na afloop nog over had?

,,De Hollanders hielden er niet over op”, lachte Helmholt. ,,Voor hen is die strijd ook belangrijker. Dat zag je helaas ook aan de opkomst aan onze kant. Als er ‘jonkjes’ mee moeten doen bij de junioren, omdat de lijst anders niet vol komt, gaat er iets verkeerd. Ik vind dat als je eerste klasse in Fryslân mag springen, nu ook moet komen opdagen. Dat was helaas een klein smetje, al maal ik er nu wat minder om.”