Vijf jaar na zijn grootste fierljeptriomf ging Jaco de Groot op herhaling in Vlist. De Woerdenaar troefde op het NK alle Friezen af.

EDWIN FISCHER

Jaco de Groot denkt niet in superlatieven, laat staan dat hij zich overdreven uit na een belangrijke zege. Natuurlijkwas de polsstokverspringer superblij, maar om nu te spreken van een droom die uitkomt, dat ging hem veel te ver. Hij pakte op de in een idyllisch landschap gesitueerde schansen van Vlist voor de tweede keer in zijn seniorenbestaan de Nederlandse titel. Commentator Wim Roskam repte over de mooiste titel, omdat hij eindelijk op de eigen Hollandse grond toesloeg. Op 28 augustus 2010 won hij in Buitenpost. De winnaar lachte er maar wat om. ,,Het is gewoon mooi om nationaal kampioen te worden”, zei hij. ,,Het is zeker genieten voor al dat eigen publiek, maar deze titel is niks specialer dan de eerste in 2010.’’ Wellicht had dat alles te maken met de afstand waarmee hij won. De Groot ging met 20,25 meter als beste de finale in, maar had niet gedacht dat die getallen genoeg waren voor de titel.

Jaco de Groot pakt na vijf jaar weer Nederlandse titel bij de mannen

En dat was ook het gevoel van de vier andere finalisten. Thewis Hobma (tweede met 20,10), Bart Helmholt (19,96), Oane Galama (19,88) en Thomas Helmholt (19,26) beten zich er op stuk. De laatste was nog het meest tevreden. De jongste Helmholt beleefde zijn laatste wedstrijd. Hij stopt er mee en nam derhalve in stijl afscheid. Reden: ,,Wat ik deryn stopje, krij ik net werom.’’ Ofwel: hij traint de hele winter keihard, is de hele zomer dag in dag uit met fierljeppen bezig, maar wint te weinig. ,,Wolst dysels beleane en dat bart fierstente min”, aldus Thomas Helmholt. ,,No is it genôch, ik sjoch myn maten fan alles dwaan yn de simmer. Dat wol ik no ek wolris.’’ De fierljepwereld gaat het spektakel van Thomas Helmholt missen. Hij was altijd atleet die geweldig in de stok zat, maar zelden een verre afstand neerzette. Zaterdag steeg hij, op de voor Friese ljeppers lastige steigerschansen in Vlist, boven zichzelf uit.

Dat kon ook van Thewis Hobma gezegd worden. Althans, voor wat betreft dit seizoen. Hobma sprong geen verre afstanden, maar was in Vlist wel de Friese deelnemer die de meeste aanspraak mocht maken op de titel. De Groot stak daar dus een stokje voor. De mannen maakten er geen beste finale van. De spanning was er eigenlijk alleen bij de deelnemers zelf, zo bleek. Het publiek zat er bij en keek er naar. Letterlijk.

De toeschouwers kwamen tijdens de finale pas in beweging toen de vrouwen op de barte verschenen. De vrouwelijke finalisten zorgden er voor dat het publiek toch kon juichen, dat er toch emoties loskwamen. Met dank aan metnameKlaske Nauta en Hiske Galama. De laatste ging met 15,41 als tweede de finale in, maar leek in haar slotsprong de titel voor zich op te eisen. Met een fraaie afstand van 15,97 nam ze de leiding over van Klaske Nauta. Diewas in de voorronde als beste geeindigd (15,77). In de allerlaatste sprong pakte de ljepster uit IJlst echter op spectaculairewijze haar eerste nationale titel. Nauta knalde over het balletje in het zandbed (indicatieteken van de verste afstand tot dan toe) en zag 16,31 op het scorebord verschijnen. ,,Winne mei in persoanlik rekord, in skânsrekord en in kampioenskipsrekord”, zei ze breed lachend met een verkoelende goudgele rakker en de glimmende beker in beide handen. ,,Moaier kin net, dit wurdt dronken wurde hjoed.’’ Ze was na dit NK de enige in het Friesekamp die uit euforie mocht drinken.